Het naastgelegen dorpje Kunrade, aartsvijand nummer één, had plotseling ook een clubje. K.V.C. was de naam en wanneer deze club was opgericht kan zich niemand van Voerendaal herinneren. K.V.C. stond in Voerendaal bekend als een samenraapsel van boerenjongens zonder samenhang. Toch wist dit clubje op hun veld aan de Keerberg menig toeschouwer weg te lokken bij V.S.V. De geschiedenis vertelt niet 'hoe' ze zijn gefuseerd maar wel dat het enkele jaren heeft geduurd voordat Voerendaal en Kunder één waren. Hier was vredesduif kapelaan Keulen voor verantwoordelijk, die met gouden tong en harde vuisten in 1947 een einde maakte aan de eeuwige tweedstrijd van beide kemphanen.

Echter zover is het nog niet. KVC Kunder en VSV Voelender hadden op papier al een overeenkomst. Dit moest gebeurt zijn tussen 1933 en 1936, want oude foto's van 1937 laten ons zien dat beide verenigingen onder één naam V.V.V. speelden en waren aangesteld bij de N.V.B. (huidige KNVB) In 1936 werd de naam R.k.v.v.Voerendaal definitief.